Leo en Alori: van jong timmertalent naar echte ambachtsman

Op de bouwplaats kom je soms duo’s tegen die elkaar écht versterken. Zo ook Leo en Alori, timmermannen bij Van Wijnen. Leo, een doorgewinterde ambachtsman met liefde voor het vak, neemt Alori al vier jaar onder zijn hoede en begeleidt hem alsof hij zijn leermeester is. In die tijd is Alori zichtbaar gegroeid: in het werk, in zelfvertrouwen en vooral in hoe hij zijn vak verstaat. Hun samenwerking laat zien hoe waardevol het is om jong talent een kans te geven, en hoe groot de invloed kan zijn van een ervaren vakman die zijn kennis wil doorgeven.

Kunnen jullie jezelf kort voorstellen?

Leo (60) werkt al bijna veertig jaar bij Van Wijnen en is een echte ambachtsman in hart en nieren. Hij begon zelf als leerling en groeide uit tot een echte vakman in renovatie en restauratie. “Hoe ouder het gebouw, hoe mooier ik het vind,” zegt hij. “Je moet zo’n pand eerst leren begrijpen voordat je eraan begint”.

Naast hem staat Alori (24), iemand die liever een hamer vasthoudt dan een pen. School was nooit echt zijn plek, maar op de bouw voelt hij zich thuis. En sinds vier jaar leert hij het vak elke dag aan de zijde van Leo.

Waar bouwen jullie nu aan?

Samen werken ze aan de renovatie van het oude stationsgebouw van Nijkerk: een monumentaal pand uit 1863 dat van binnen en buiten opnieuw toekomstbestendig wordt gemaakt. Het project zit vol uitdagingen zoals maatwerk, scheve constructies, staal- en betonwerk en historische details. Precies het werk waar Leo warm voor loopt en waar Alori veel van leert. 

Hoe zouden jullie de samenwerking tussen jullie twee omschrijven?

Wie Leo en Alori samen ziet werken, ziet direct dat ze een sterk team vormen. Ze lezen elkaars werktempo, vullen elkaar aan en zorgen dat elke klus netjes wordt afgerond.

“Hij pakt dingen steeds sneller op,” zegt Leo. “Soms hoef ik alleen maar te kijken en dan weet hij al wat de bedoeling is. Vrijdag ben ik vrij, en dan staat hij er alleen. Hij stuurt onderaannemers aan en pakt alles op. Dat doet hij heel goed.”

De twee hebben inmiddels een hechte band, bijna als vader en zoon. In de Molukse cultuur, vertelt Alori, noem je iemand ‘oom’ als je hem vertrouwt, zo spreekt hij Leo ook aan op de bouw. Leo glimlacht: “Daarom noem ik hem zoon.”

Leo, hoe kijk je naar de vaardigheden die leerlingen tegenwoordig vanuit school meenemen?  

Leo is eerlijk en direct: “Ik vraag wel eens: wat heb je nou eigenlijk geleerd op school? Materialenkennis, gereedschapsleer, meetkunde… dat leren ze bijna niet meer.”

Hij vertelt hoe hij vroeger balken met de hand vlak en haaks moest schaven, zonder waterpas. “Dat is vaardigheid. Dat mis ik soms. Iedereen kan het leren, zolang je ervoor openstaat.”

Timmerman bij Van Wijnen

Wat is de kern van echt vakmanschap?  

Volgens Leo draait goed timmermanschap niet alleen om kunnen zagen of meten. Het zit ’m in iets anders: vooruitdenken, initiatief durven nemen en probleemoplossend werken.

“Als je geen initiatief neemt, kun je ook geen fout maken,” zegt hij. “Maar dan leer je ook niks.” Het is precies die houding die hij probeert mee te geven.

Alori, wat heb je geleerd van Leo?  

Alori leert vooral van Leo’s manier van werken: vooruitdenken, slim plannen en altijd eerst het werk begrijpen voordat je begint. “Hij zegt vaak: let hier op, dit heb ik eerder meegemaakt,” vertelt Alori. Daardoor valt alles sneller op zijn plek. Hoewel Alori veel van Leo leert, is het geen eenrichtingsverkeer. Leo geniet zichtbaar van het begeleiden en van hoe snel Alori stappen maakt. “Ik ga met hem om als een collega,” zegt hij. “Hij is absoluut geen leerling meer.” 

Wat is jullie favoriete gereedschap?  

Leo hoeft niet lang na te denken: “De afkortzaag. Vroeger moest je twee millimeter met de hand afzagen. Nu is dat één beweging.”
Alori zweert bij zijn snoerloze boormachine. “Je gebruikt ’m de hele dag. Dat ding is goud waard.”

Alori, waar hoop je over een paar jaar te staan in het vak?  

“Eigenlijk net zo ver als mijn maatje,” zegt hij. Leo vult aan: “Als ik met pensioen ga, wil ik een goede timmerman achterlaten. Dat is mijn missie.”

Tot slot: wat maakt werken bij Van Wijnen zo fijn?  

Voor Leo en Alori is het antwoord simpel: de sfeer en de mensen. “Als je met een lang gezicht naar je werk gaat, moet je wat anders doen,” zegt Leo. “Hier werken we met plezier.” Ook veiligheid is goed geregeld. De juiste middelen zijn er, iedereen let op elkaar en er wordt écht samengewerkt. Alori: “We helpen elkaar, we lachen veel en we staan voor elkaar klaar. Dan ga je elke dag met een goed gevoel naar je werk.”

Ook werken met je handen aan projecten die ertoe doen?